LOOPSCHOLING

Deze training is onmisbaar in het schema voor de hardloper van lange afstanden en de marathon. Ontwikkeld door looptechniektrainer Jesse Caron en master sportfysiotherapeut Pieter-Jan van der Heiden gericht op het herkennen van fouten in de looptechniek om deze vervolgens  met specifieke oefeningen en loopscholing te verbeteren. Hierdoor worden blessures structureel verholpen en voorkomen en kan er makkelijker, langer én sneller worden gelopen. Doordat er zowel vanuit het specialisme van een sportfysiotherapeut als looptrainer persoonlijk en specifiek aandacht wordt gegeven is resultaat snel voelbaar. Verbeter je looptechniek middels personal- / groepstraining of een clinic.

RUN GOOD > FEEL BETTER !

Hardlopen is een beweging die telkens op dezelfde wijze (cyclisch) talloze malen herhaald wordt. Bij een training over een afstand van 5 km zul je ongeveer 4000 looppassen maken. Dat betekent ook ongeveer 4000 landingen, waarbij je krachten van 2 tot 3 maal het lichaamsgewicht moet opvangen. Het is dus begrijpelijk dat (kleine) fouten in je looptechniek grote negatieve gevolgen kunnen hebben. Tegelijkertijd kunnen (kleine) verbeteringen ook grote positieve gevolgen hebben. De loopbeweging is te onderscheiden in de landing met steunfase, de afzet en zwaaifase.

Landing en steunfase

Het is van belang dat je de voet waarop je landt recht neerzet en onder je lichaam plaatst. Het onderbeen hangt dan recht naar beneden. De krachten tijdens de landing worden opgevangen in de banden en gewrichten van voeten en benen.

Afzet

Bij de afzet is het van belang je voet af te wikkelen over de grote teen. Het lichaamszwaartepunt komt bij de afzet voorbij het steunpunt. Je zwaait je andere been ontspannen naar voren, waarbij je de knie buigt. Veer bij de afzet niet teveel want dat kost veel (onnodige) energie, waardoor je eerder moe wordt. Daarnaast betekent dit een extra belasting voor de achillespezen, waardoor er een verhoogde kans op blessures ontstaat.

Zweeffase

Na de afzet zwaait je onderbeen ontspannen een weinig naar achteren en naar boven richting het zitvlak. Daarna zwaait het onderbeen weer naar voren als voorbereiding op de landing.

Goede looptechniek

Bij een goede looptechniek zijn de lengte en het ritme van de passen goed op elkaar afgestemd. Dit is afhankelijk van de snelheid waarmee gelopen wordt. De armen bewegen ter ondersteuning van de beenbeweging in de looprichting. De armen bewegen tegengesteld aan de benen. Dat wil zeggen dat als het linker been naar voren gezwaaid wordt, dat dan gelijktijdig de rechter arm eveneens naar voren zwaait. Door dit mechanisme wordt het draaien van de romp tijdens de loopbeweging tegengegaan. Het is zaak om de spieren van de schouders, armen en handen ontspannen te houden. De schouders hangen hierbij af, de ellebogen zijn licht gebogen en de handen zijn ontspannen tot een lichte vuist gemaakt. De romphouding is rechtop of licht voorover. Als de romp teveel naar achteren gehouden wordt, neemt de kans op rugklachten toe. Om een goede looptechniek te kunnen uitvoeren en ook lange tijd te kunnen volhouden, moet er aan diverse voorwaarden voldaan worden: Uithoudingsvermogen, rompstabiliteit, flexibiliteit, functionele kracht en coördinatie.

Doelgroep 18+

In eerste instantie is deze looptraining bestemd voor iedereen vanaf 18 jaar en ouder die makkelijker, lekkerder en daarmee sneller wil lopen. Met de aanwezigheid van zowel looptrainer als sportfysiotherapeut is deze training uitermate geschikt voor het verhelpen én structureel oplossen van blessures.

Inhoud

Iedere training bestaat uit een uitgebreide warming-up waarin altijd op een verrassende manier wordt opgewarmd om daarna met dynamische en/of statische rekoefeningen het lichaam leniger te maken. Met spieractivatie oefeningen werken we aan functionele kracht om vervolgens de verworven krachteigenschappen te gebruiken voor de loopscholingsoefeningen. De variatie tussen de trainingen middels verschillende oefenvormen en oefenmaterialen werkt motiverend en draagt bij aan een blijvende verbetering in de looptechniek.

Locatie

De trainingen worden gegeven op de atletiekbaan Nenijto aan de Bentincklaan 40 te Rotterdam. Hier beschikken we over een 400 meter rondbaan van tartan, maar voor de trainingen zullen we ook gebruik maken van de grasvelden, zandbakken, fitness-ruimtes en het nabij gelegen Vroesenpark.

MELD JE AAN VOOR EEN PERSOONLIJKE INTAKE / TRAINING

Sluit vervolgens aan bij een wekelijke groepstraining

TECHNIEK

De (loop)techniek bepaald de efficiëntie van de (loop)bewegingen en daarmee kwaliteit van je fysieke aspecten. 'Een goede looptechniek laat je makkelijker bewegen waardoor je het automatisch sneller én langer kunt lopen'

LENIGHEID

Voor het hardlopen heb je soepele - flexibele spieren nodig, deze maken een goede range of motion mogelijk; de bewegingshoeveelheid die mogelijk is ter hoogte van een gewricht. Dit voorkomt spierblessures en bevordert het herstel.

ROMPSTABILITEIT

Alle bewegingen van de armen en benen beginnen vanuit de romp, rompstabiliteit oefeningen zijn daarom van essentieel belang in een om functionele kracht te verwerven voor het hardlopen.

SNELHEID

Het maken van snelle bewegingen vereist een snelle spieraansturing vanuit de hersenen. Het aspect snelheid is uitstekend te trainen met oefeningen die een hoge frequentie-snelheid vragen van zowel de benen als armen.

KRACHT

Er moet natuurlijk wel kracht achter de snellere bewegingen zitten om daadwerkelijk sneller te kunnen gaan hardlopen. Specifieke krachtoefeningen leiden tot beter functioneren van het lichaam ten behoeven van het hardlopen.

VARIATIE

Variatie is hét kenmerk van deze trainingsmethode. De spieraansturing vanuit de hersenen, neuro-musculaire aansturing, wordt het beste getraind door veel te variëren; met oefeningen, materialen en ondergronden.

WWW.LOOPTECHNIEKTRAINING.COM

Een depandance van JesseCaron.com gericht op hardlopen voor lange afstanden en de Marathon